ECLI:NL:RBARN:2010:BL6865
Rechtbank Arnhem
- Kort geding
- Rechtspraak.nl
Non-concurrentiebeding blijft gelden na functiewijziging; overtreding leidt tot onrechtmatige concurrentie
Vredo-Dodewaard B.V. vordert in kort geding tegen twee voormalige werknemers en hun vennootschap handhaving van non-concurrentiebedingen en verbod op onrechtmatige concurrentie. De werknemers hadden na beëindiging van hun dienstverband een concurrerend product ontwikkeld en verhandeld via hun vennootschap.
De rechtbank stelt vast dat het non-concurrentiebeding schriftelijk is overeengekomen en ondanks functiewijziging bij een werknemer niet is komen te vervallen. De arbeidsovereenkomst van de andere werknemer is stilzwijgend verlengd, waardoor het beding ook voor hem geldt. Beide werknemers hebben het beding overtreden door betrokkenheid bij de productie en verkoop van een zodenbemester die gelijk of verwant is aan die van Vredo.
De rechtbank oordeelt dat er sprake is van onrechtmatige concurrentie omdat de werknemers vertrouwelijke kennis hebben benut en stelselmatig het bedrijfsdebiet van Vredo afbreken. De vennootschap profiteert bewust van dit onrechtmatig handelen en handelt daardoor ook onrechtmatig. Een vordering tot verlenging van het beding wordt afgewezen. De vordering tot een verbod op verdere betrokkenheid bij concurrerende activiteiten wordt toegewezen, met een gematigde dwangsom. De claim op slaafse nabootsing wordt verworpen wegens onvoldoende bewijs.
De werknemers worden veroordeeld tot betaling van voorschotten op boetes en hoofdelijk in de proceskosten. Het vonnis is uitvoerbaar bij voorraad.
Uitkomst: Het non-concurrentiebeding blijft geldig en wordt gehandhaafd; overtreding leidt tot verbod en boetes voor de werknemers en hun vennootschap.