ECLI:NL:RBARN:2010:BO3955
Rechtbank Arnhem
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Beoordeling causaal verband en schade bij posttraumatische dystrofie na verkeersongeval
De rechtbank Arnhem behandelde een geschil tussen Aegon Schadeverzekering en een vrouw die betrokken was bij een verkeersongeval in 1995. Kern van het geschil was het letsel en de schade die de vrouw aan het ongeval toeschreef, met name posttraumatische dystrofie (PTD) aan haar linker onderbeen, alsmede andere klachten zoals aan de linkerarm, hoofdletsel en cognitieve stoornissen.
De rechtbank stelde vast dat de vrouw al vóór het ongeval bekend was met dystrofieklachten, maar dat het ongeval van 1995 leidde tot een opleving of verergering van deze klachten aan het linker onderbeen. Dit causaal verband werd als voldoende aannemelijk beschouwd. Andere klachten, zoals dystrofie aan de linkerarm na een val in 1997, hoofdletsel en cognitieve problemen, werden niet toegeschreven aan het ongeval vanwege onvoldoende bewijs en tegenstrijdigheden in de medische dossiers.
De rechtbank beoordeelde de schadevergoeding en concludeerde dat de door Aegon betaalde €52.500 toereikend was, waarbij onder meer rekening werd gehouden met kosten huishoudelijke hulp, verlies van zelfwerkzaamheid en arbeidsvermogen, en een passend smartengeld van €7.500. De overige vorderingen van de vrouw werden afgewezen en zij werd veroordeeld in de proceskosten.
Uitkomst: De rechtbank wijst de meeste vorderingen af en beperkt de schadevergoeding tot €52.500 voor de verergering van posttraumatische dystrofie aan het linker onderbeen.