ECLI:NL:RBARN:2010:BO8998
Rechtbank Arnhem
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Veroordeling voor doodslag op Poolse huisgenoot in Kesteren
De rechtbank Arnhem heeft op 28 december 2010 een 30-jarige Poolse man veroordeeld tot negen jaar gevangenisstraf wegens doodslag op zijn Poolse huisgenoot. Het slachtoffer lag enige tijd dood in de woning, terwijl verdachte daar verbleef. Hoewel er geen direct bewijs was dat verdachte het slachtoffer heeft gedood, concludeerde de rechtbank op basis van het samenstel van feiten en de wisselende, deels ongeloofwaardige verklaringen dat verdachte schuldig is.
Verdachte ontkende het delict en verwees naar een onbekende vrouw die het slachtoffer op diens verzoek zou hebben gedood. Hij weigerde echter opheldering te geven over deze vrouw, wat de rechtbank als ongeloofwaardig beschouwde. Verdachte is onderzocht in het Pieter Baan Centrum waar het syndroom van Asperger werd vastgesteld, maar zonder concrete kennis over de toedracht kon geen vermindering van toerekeningsvatbaarheid worden vastgesteld.
De verdediging voerde onder meer aan dat de vertalingen tijdens politieverhoren gebrekkig waren en dat verdachte aanvankelijk als getuige werd gehoord zonder de juiste waarborgen. De rechtbank oordeelde echter dat verdachte niet in zijn belangen was geschaad en verwierp deze verweren. Bewijs bestond uit telefoongegevens, verklaringen van getuigen, en het feit dat verdachte wekenlang het overlijden geheim hield en leugenachtige verklaringen gaf over zijn verblijf.
De rechtbank sprak verdachte vrij van moord wegens gebrek aan bewijs voor voorbedachte raad, maar achtte doodslag bewezen. Gelet op de ernst van het feit en de omstandigheden legde de rechtbank een gevangenisstraf van negen jaar op, met aftrek van de tijd in voorlopige hechtenis.
Uitkomst: Verdachte is veroordeeld tot negen jaar gevangenisstraf wegens doodslag op zijn huisgenoot.