ECLI:NL:RBARN:2011:BP5945
Rechtbank Arnhem
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Aansprakelijkheid en verhaalsrecht bij verkeersongeval met vrijgestelde gemoedsbezwaarde
Op 11 september 2009 vond een ernstig verkeersongeval plaats tussen twee bestelauto's, waarbij de bestuurder van de Citroën Berlingo ernstig letsel opliep. De kentekenhouder van de Volkswagen Caddy, Hop Hekwerken B.V., was vrijgesteld van verzekeringsplicht wegens gemoedsbezwaren. Het Waarborgfonds vordert vergoeding van de schade die het aan het slachtoffer heeft betaald, met een beroep op het verhaalsrecht jegens Hop Hekwerken.
De rechtbank stelt vast dat op grond van artikel 18 lid 1 laatste Pro volzin WAM de vrijgestelde gemoedsbezwaarde jegens de benadeelde dezelfde rechten heeft als tegenover een verzekeraar, wat inhoudt dat hij aansprakelijk is. Het Waarborgfonds kan zich daarom verhalen op Hop Hekwerken. De preliminaire verweren van Hop Hekwerken worden verworpen, waaronder het betoog dat het Waarborgfonds onvoldoende belang heeft en dat eerst de verzekeraar Univé aangesproken moet worden.
Het bewijs over het niet dragen van de autogordel door het slachtoffer is betwist en wordt aan Hop Hekwerken opgedragen. De rechtbank houdt de beslissing over het eigen schuldverweer en de billijkheidscorrectie aan. Ook het beroep op matiging wordt aangehouden, waarbij de draagkracht van Hop Hekwerken en de omvang van de schade in een later stadium worden beoordeeld. De vordering tot betaling van reeds uitgekeerde bedragen wordt eveneens aangehouden totdat op het eigenschuldverweer is beslist.
Uitkomst: Hop Hekwerken is aansprakelijk en het Waarborgfonds heeft een verhaalsrecht, maar bewijs over gordeldracht en beoordeling van eigen schuld en matiging worden aangehouden.