ECLI:NL:RBARN:2011:BT2580
Rechtbank Arnhem
- Kort geding
- Rechtspraak.nl
Kort geding over onvoorwaardelijke koop- en huurovereenkomst bedrijfsruimte
In dit kort geding stond centraal of tussen Roma Investments B.V. en Reparco Nederland B.V. een onvoorwaardelijke koop- en huurovereenkomst tot stand was gekomen voor een bedrijfsruimte in [woonplaats]. Roma stelde dat partijen op 20 juni 2011 een onvoorwaardelijke overeenkomst hadden gesloten, terwijl Reparco aanvoerde dat de overeenkomst onder de opschortende voorwaarde stond van goedkeuring door de notaris en het moederconcern Norske Skogindustrier.
De voorzieningenrechter overwoog dat het koopvoorstel van 17 juni 2011 een voorbehoud bevatte van juridische goedkeuring, dat niet was gewijzigd in de latere 'minutes of meeting' van 20 juni 2011. Hierdoor was de overeenkomst onder opschortende voorwaarde gesloten. Omdat deze goedkeuring uiteindelijk niet werd verleend, was de voorwaarde niet vervuld en kon nakoming niet worden verlangd.
Roma's stelling dat sprake was van een onvoorwaardelijke overeenkomst en dat Reparco misbruik maakte van bevoegdheid door zich terug te trekken, werd verworpen. De verklaringen van partijen waren tegenstrijdig en er was onvoldoende aannemelijk dat de bodemrechter de vordering zou toewijzen.
In reconventie werd het conservatoir beslag tot levering van de bedrijfsruimte opgeheven omdat het recht waarop Roma zich beroept ondeugdelijk was. Roma werd veroordeeld in de proceskosten, zowel in conventie als in reconventie.
Uitkomst: De vorderingen tot nakoming van de koop- en huurovereenkomst worden afgewezen omdat de overeenkomst onder opschortende voorwaarde is gesloten die niet is vervuld.