ECLI:NL:RBARN:2012:BW5691
Rechtbank Arnhem
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing vorderingen bestuurder aansprakelijkheid en opheffing conservatoire beslagen
De zaak betreft een geschil tussen twee besloten vennootschappen en een voormalig statutair directeur over aansprakelijkheid in verband met een arbitrageprocedure tussen een dochtermaatschappij en een klant. Eiseressen vorderen onder meer schadevergoeding wegens onbehoorlijk bestuur, onrechtmatige daad en schending van een geheimhoudingsbeding. De bestuurder vordert op zijn beurt vergoeding van kosten en opheffing van conservatoire beslagen.
De rechtbank oordeelt dat de vorderingen van eiseressen op grond van artikel 2:9 BW Pro (onbehoorlijk bestuur), 6:74 BW (toerekenbare tekortkoming), 6:162 BW (onrechtmatige daad) en schending van het geheimhoudingsbeding niet zijn komen vast te staan. De raad van commissarissen heeft de garantstelling goedgekeurd, en er is geen ernstig verwijt aan de bestuurder te maken. Ook het beroep op verjaring en rechtsverwerking wordt verworpen.
De vorderingen van de bestuurder op grond van beëindiging van een bestuurdersaansprakelijkheidsverzekering en schending van goed werkgeverschap worden eveneens afgewezen wegens gebrek aan onderbouwing en bewijs. De conservatoire beslagen zijn ten onrechte gelegd en worden opgeheven, met een dwangsom bij niet-naleving. De proceskosten worden verdeeld met een compensatie tussen partijen.
Uitkomst: De rechtbank wijst de vorderingen van eiseressen en bestuurder af en beveelt opheffing van conservatoire beslagen met dwangsom.