ECLI:NL:RBARN:2012:BW5893
Rechtbank Arnhem
- Eerste aanleg - meervoudig
- M.C.G.J. van Well
- F.M. Smit
- A.M.F. Geerling
- Rechtspraak.nl
Ongegrond beroep tegen naheffingsaanslag overdrachtsbelasting bij verkrijging vruchtgebruik
Eiseres verkreeg een recht van vruchtgebruik op een appartementsrecht en werd daarop naheffingsaanslag overdrachtsbelasting opgelegd. Zij beriep zich ten onrechte op artikel 9, tweede lid, van de Wet BRV, dat toepassing vindt bij afstand van een beperkt recht tegen verkrijging van een nieuw beperkt recht op hetzelfde goed.
De rechtbank oordeelde dat in dit geval sprake was van verkrijging van een beperkt recht op een andere onroerende zaak, zodat de hoofdregel van artikel 9, eerste lid, Wet BRV van toepassing is. De waarde van het recht van vruchtgebruik bedroeg € 106.500, waarover de belasting is berekend.
De stelling van eiseres dat sprake is van zaaksvervanging in de zin van artikel 3:213 BW Pro werd door de rechtbank niet beoordeeld omdat dit niet relevant is voor de heffing van overdrachtsbelasting. Het beroep tegen de naheffingsaanslag en de heffingsrente werd ongegrond verklaard.
De rechtbank zag geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling. De uitspraak werd gedaan door drie rechters en griffier op 10 mei 2012.
Uitkomst: Het beroep tegen de naheffingsaanslag overdrachtsbelasting wordt ongegrond verklaard.