ECLI:NL:RBARN:2012:BX7569
Rechtbank Arnhem
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Schadevergoeding wegens niet doorgaan aandelentransactie valt niet onder deelnemingsvrijstelling
Eiseres, enig aandeelhouder van [F] BV, ontving een schadevergoeding van € 680.000 van [G] BV wegens het niet doorgaan van de verkoop van aandelen in [F] BV. De vraag was of deze vergoeding onder de deelnemingsvrijstelling van de vennootschapsbelasting valt.
De rechtbank overweegt dat de deelnemingsvrijstelling alleen geldt voor voordelen die rechtstreeks voortvloeien uit het bezit van een deelneming. Jurisprudentie van de Hoge Raad bevestigt dat schadevergoedingen wegens wanprestatie of onrechtmatig handelen in de precontractuele fase niet onder deze vrijstelling vallen.
De rechtbank stelt vast dat in deze zaak geen sprake is van een gesplitst belang in de aandelen, aangezien eiseres haar volledige belang wilde overdragen. De vergoeding is gebaseerd op wanprestatie van de koper en niet op het belang bij de deelneming zelf.
Ook recente jurisprudentie over gesplitste belangen bij aandelen leidt niet tot een ander oordeel. Daarom kan de deelnemingsvrijstelling niet worden toegepast op de ontvangen schadevergoeding.
Het beroep van eiseres wordt ongegrond verklaard en er worden geen proceskosten toegewezen.
Uitkomst: De rechtbank verklaart het beroep ongegrond en bevestigt dat de schadevergoeding niet onder de deelnemingsvrijstelling valt.