ECLI:NL:RBARN:2012:BX8019
Rechtbank Arnhem
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Opheffing executoriaal loonbeslag wegens nietige betekening en voldaan vordering
De zaak betreft een geschil tussen eiseres en DUO over de rechtmatigheid van een executoriaal loonbeslag op het salaris van eiseres. DUO had twee dwangbevelen uitgevaardigd ter inning van studieschulden, waarop loonbeslag werd gelegd. Eiseres betwist de rechtsgeldigheid van de betekening van beide dwangbevelen, mede vanwege haar verblijf in Duitsland.
De rechtbank oordeelt dat het eerste dwangbevel niet rechtsgeldig is betekend omdat het aan een verkeerd adres in Nederland is betekend, waar eiseres niet meer woonde of stond ingeschreven. Dit dwangbevel kan daarom niet ten grondslag worden gelegd aan het loonbeslag. Het tweede dwangbevel is betekend op een adres in Duitsland, waarbij onzekerheid bestaat over de feitelijke woonplaats van eiseres ten tijde van de betekening, maar dit dwangbevel wordt niet onherroepelijk nietig verklaard.
Zelfs als het tweede dwangbevel rechtsgeldig is, blijkt uit de stukken dat het loonbeslag reeds een hoger bedrag heeft geïnd dan het bedrag waarvoor beslag mocht worden gelegd. Dit leidt ertoe dat het loonbeslag moet worden opgeheven. De vordering tot terugbetaling van reeds ingehouden bedragen wordt afgewezen wegens onvoldoende concreetheid en het ontbreken van spoedeisend belang. De proceskosten worden gecompenseerd.
Uitkomst: Het executoriaal loonbeslag wordt opgeheven wegens nietige betekening van het eerste dwangbevel en overschrijding van het toegestane beslagbedrag.