ECLI:NL:RBARN:2012:BX9202
Rechtbank Arnhem
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluit terugvordering bijstand wegens onvoldoende bewijs onverantwoorde besteding schadevergoeding
Eiseres ontving een schadevergoedingsuitkering die door verweerder als verantwoord werd aangemerkt voor bijstandsverlening, waardoor deze niet werd meegerekend als in aanmerking te nemen middelen.
Verweerder kwam later terug op dit besluit en vorderde terugbetaling van bijstand over de periode 2007-2012, stellende dat eiseres over voldoende middelen beschikte, waaronder spaargeld en executie-opbrengsten, en dat het geld op de spaarrekening niet afkomstig was van de schadevergoeding.
De rechtbank oordeelt dat de bewijslast bij verweerder ligt om aan te tonen dat de schadevergoeding onverantwoord is besteed. Verweerder heeft geen concrete feiten of omstandigheden aangevoerd die dit ondersteunen. Ook de stelling dat het spaargeld uit andere inkomstenbronnen komt, is onvoldoende onderbouwd, mede gelet op een eerdere uitspraak van de Centrale Raad van Beroep.
De rechtbank vernietigt het bestreden besluit, verklaart het beroep gegrond, herroept het besluit van 7 maart 2012 en veroordeelt verweerder in de proceskosten van eiseres. Tevens wordt het griffierecht vergoed.
Uitkomst: Het besluit tot terugvordering van bijstand wordt vernietigd wegens onvoldoende bewijs van onverantwoorde besteding van de schadevergoeding.