ECLI:NL:RBASS:2001:AB1632
Rechtbank Assen
- Eerste aanleg - meervoudig
- T.F. Bruinenberg
- H.J. ter Schegget
- J.S. Bartstra
- Rechtspraak.nl
Beoordeling vergoeding bedrijfsschade na extreem zware regenval in 1998
Eisers exploiteren een cafébedrijf en meldden schade als gevolg van de extreem zware regenval op 27 en 28 oktober 1998. Na taxaties en bezwaarprocedures werd een tegemoetkoming toegekend, maar de hoogte daarvan werd verlaagd en terugvordering aangekondigd. Eisers voerden aan dat zij bedrijfsschade als gevolg van het niet kunnen gebruiken van hun kelderruimte niet vergoed kregen, terwijl zij hierover onjuiste informatie zouden hebben ontvangen.
De rechtbank overweegt dat omzetschade expliciet is uitgesloten van vergoeding op grond van de Wet en de daarop gebaseerde regeling. De gestelde bedrijfsschade betreft omzetschade, die volgens de wetgever tot het normale ondernemersrisico behoort. De rechtbank stelt vast dat er geen ondubbelzinnige toezeggingen zijn gedaan die rechtens te honoreren verwachtingen scheppen. Ook is de behandelingsduur van de aanvraag niet onredelijk lang.
De rechtbank verklaart het beroep gegrond voor zover het gericht is tegen de terugvordering van de te veel betaalde tegemoetkoming en vernietigt dat deel van het besluit. Voor het overige wordt het beroep ongegrond verklaard. Verweerder wordt veroordeeld tot vergoeding van de proceskosten en griffierecht.
Uitkomst: Het beroep wordt gegrond verklaard voor zover het gericht is tegen de terugvordering en het besluit tot terugvordering wordt vernietigd; voor het overige wordt het beroep ongegrond verklaard.