ECLI:NL:RBBRE:2005:BM7387
Rechtbank Breda
- Eerste aanleg - meervoudig
- J.G.M. Wouters
- J.P.M. Zeijen
- P.H.J.G. Römers
- Rechtspraak.nl
Eervol ontslag wegens onherstelbare arbeidsverhouding met toekenning aangepaste ontslaguitkering
Eiseres was werkzaam als hoofd Financiën & Administratie bij de WVS-groep en had vanaf 2002 een leidinggevende functie. Er ontstonden diepgaande meningsverschillen tussen eiseres en de algemeen directeur over diverse organisatorische en functionele kwesties, wat leidde tot een onherstelbare verstoring van de arbeidsrelatie. Verweerder verleende daarop eervol ontslag op grond van artikel 8:8, eerste lid, van de CAR/UWO en kende een ontslaguitkering toe volgens hoofdstuk 10a van de CAR/UWO.
Eiseres betwistte dat de verstoring in overwegende mate aan haar toe te rekenen was en stelde dat verweerder onvoldoende had ingegrepen om de arbeidsverhoudingen te herstellen. De rechtbank oordeelde dat de vaststelling van een onherstelbare verstoring voldoende feitelijk onderbouwd was, maar dat verweerder ten onrechte had aangenomen dat eiseres de hoofdoorzaak was. Hierdoor was de toegekende uitkering ontoereikend.
De rechtbank vernietigde het besluit voor zover het de hoogte van de uitkering betrof en beval verweerder tot hernieuwde besluitvorming met inachtneming van de uitspraak. Tevens werd verweerder veroordeeld tot vergoeding van het griffierecht en de proceskosten van eiseres. De uitspraak benadrukt het belang van een zorgvuldige beoordeling van de oorzaak van arbeidsverhoudingen en een passende financiële regeling bij eervol ontslag.
Uitkomst: Het beroep wordt gegrond verklaard en het besluit over de hoogte van de ontslaguitkering wordt vernietigd met opdracht tot hernieuwde besluitvorming.