ECLI:NL:RBBRE:2006:AV0562
Rechtbank Breda
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Peters
- Rechtspraak.nl
Strafzaak over overtreding uitbreidingsverbod varkenshouderij en gevolgen wetswijziging
De economische politierechter van de Rechtbank Breda behandelde een zaak waarin verdachte werd vervolgd voor het houden van gemiddeld 3006 varkens in 2004, meer dan het toegestane aantal volgens de Wet herstructurering varkenshouderij. Verdachte stelde dat hij recht had op varkensrechten op grond van de hardheidsclausuleregeling en dat de wetgeving onrechtmatig was omdat geen integrale schadeloosstelling was voorzien.
De rechter oordeelde dat verdachte vanaf 1 januari 2004 geen varkensrechten meer had, omdat het Bureau Heffingen deze rechten had ingetrokken en dit besluit door het College van Beroep voor het bedrijfsleven was bevestigd. Verdachte was hiervan op de hoogte en had geen voorlopige voorziening gevraagd om de intrekking te schorsen. De rechter verwierp het verweer dat de wet onrechtmatig was, omdat de intrekking van rechten het gevolg was van een besluit en dat een mogelijke schadevergoeding via civielrechtelijke procedures kan worden afgedwongen.
De rechter wees het verzoek tot schorsing van de strafzaak af, ondanks de lopende civiele procedure over schadeloosstelling. De strafbaarheid werd bevestigd, ook na wetswijziging per 1 januari 2006, waarbij het uitbreidingsverbod werd overgeheveld naar de Meststoffenwet. De rechter legde een geldboete van €6.000 op, hoger dan gevorderd, omdat verdachte niet was misleid en niet voornemens was de overtreding te herhalen. De strafmaat werd mede beïnvloed door de verwarring die verdachte was overkomen door wisselende besluiten van het Bureau Heffingen en zijn blanco strafblad.
Uitkomst: Verdachte is veroordeeld tot een geldboete van €6.000 wegens het houden van meer varkens dan toegestaan in 2004.