ECLI:NL:RBBRE:2006:AZ5002
Rechtbank Breda
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Belastingheffing bij onttrekking landbouwgrond voor woningbouw binnen ondernemingsvermogen
Belanghebbende exploiteert een landbouwonderneming met een bedrijfswoning op het perceel. Vanwege de slechte staat van de oude woning besloot hij een nieuwe woning te bouwen en bracht daartoe een stuk grond van 1000 m2 over van het ondernemingsvermogen naar privévermogen.
De kern van het geschil betrof of de winst die voortvloeit uit deze onttrekking belastbaar is. De rechtbank stelt dat de winst die ontstaat door de wijziging van agrarisch gebruik naar woningbouw belast is als winst uit onderneming, ook al stond er al een woning die gesloopt zal worden. De oude woning en de nieuwe woning nemen niet dezelfde plaats in het ondernemingsvermogen in, waardoor de ruilarresten niet van toepassing zijn.
Belanghebbende beriep zich op het vertrouwensbeginsel vanwege een taxatierapport dat geen belastingheffing zou veroorzaken. De rechtbank oordeelt dat dit rapport gebaseerd was op een onjuist uitgangspunt en dat belanghebbende, gelet op de kennis van zijn adviseur, hiervan op de hoogte had moeten zijn. Het beroep wordt gegrond verklaard, de aanslag verminderd en de inspecteur veroordeeld in de proceskosten.
Uitkomst: De rechtbank verklaart het beroep gegrond en vermindert de aanslag inkomstenbelasting tot een verzamelinkomen van € 73.151.