ECLI:NL:RBBRE:2006:AZ6956
Rechtbank Breda
- Eerste aanleg - meervoudig
- A.F.M.Q. Beukers-van Dooren
- W. Brouwer
- W.E.M. van Nispen tot Sevenaar
- Rechtspraak.nl
Herinvesteringsreserve en geruisloze doorschuiving bij verkoop en overname cafetaria
Belanghebbende en zijn echtgenote exploiteerden tot 1 mei 2001 een cafetaria in een vennootschap onder firma (VOF 1). Op die datum werd het cafetaria verkocht en werd de exploitatie voortgezet in een nieuwe VOF (VOF 2) met belanghebbende, zijn echtgenote en hun dochter, met een gewijzigde winstverdeling. De kern van het geschil betrof de vraag of de winst op de verkoop van inventaris en goodwill volledig belastbaar was of dat een deel als herinvesteringsreserve kon worden gevormd.
De rechtbank stelde vast dat geen sprake was van staking van de onderneming, maar van voortzetting in een nieuwe VOF, mede gelet op de nabijheid van de nieuwe locatie en de betrokkenheid van de dochter. Hierdoor was het vormen van een herinvesteringsreserve mogelijk. Tevens werd geoordeeld dat het verzoek om geruisloze doorschuiving van aandelen aan de dochter, hoewel pas bij het beroepschrift gedaan, nog tijdig was en moest worden ingewilligd.
De rechtbank berekende de herinvesteringsreserve op basis van een redelijke verdeling van investeringen conform de oorspronkelijke winstaandeelverdeling in VOF 1, waardoor belanghebbende en zijn echtgenote ieder voor 50% in de nieuwe onderneming werden geacht te hebben geïnvesteerd. Dit leidde tot een vermindering van het belastbaar inkomen en correcties op afschrijvingen en stakingsaftrek. De aanslag werd verminderd tot een inkomen uit werk en woning van € 78.095. De inspecteur werd veroordeeld in de proceskosten.
Uitkomst: De rechtbank vermindert de aanslag inkomstenbelasting tot een belastbaar inkomen van € 78.095 en wijst het beroep van belanghebbende toe.