ECLI:NL:RBBRE:2006:BG7104
Rechtbank Breda
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- D. Hund
- Rechtspraak.nl
Afwijzing beroep tegen weigering aanloopverlies bij verhuur monumentenpand
Belanghebbende en zijn echtgenote kochten in 2000 een monumentenpand dat zij in 2001 deels verhuurden aan een vennootschap waarvan zij aandeelhouder zijn. Zij stelden dat een verschil tussen aankoop- en renovatiekosten en de getaxeerde waarde, vermeerderd met financieringsrente, als aanloopverlies in box 1 aftrekbaar was.
De inspecteur wees dit af, waarna belanghebbende bezwaar maakte tegen de aanslagen inkomstenbelasting en premie volksverzekeringen over 2001 en 2002. De rechtbank oordeelde dat de terbeschikkingstelling van het pand pas op het moment van verhuur in december 2001 als werkzaamheid kwalificeert, en dat de kosten daarvoor in box 3 vielen waar geen aftrek mogelijk is.
Daarom kon er geen sprake zijn van aanloopverlies in box 1 voor de periode vóór verhuur. Het beroep werd ongegrond verklaard. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd. Tegen deze uitspraak staat hoger beroep open bij het gerechtshof te ’s-Hertogenbosch.
Uitkomst: Het beroep van belanghebbende tegen het niet in aanmerking nemen van aanloopverlies is ongegrond verklaard.