ECLI:NL:RBBRE:2007:AZ7208
Rechtbank Breda
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Vernietiging beschikkingen aansprakelijkstelling wegens niet aannemelijke uitreiking naheffingsaanslagen
De rechtbank Breda heeft op 2 januari 2007 uitspraak gedaan in een bestuursrechtelijke zaak waarin belanghebbende aansprakelijk was gesteld voor naheffingsaanslagen omzetbelasting van twee vennootschappen. De ontvanger had beschikkingen aansprakelijkstelling uitgevaardigd en deze op dezelfde dag als de naheffingsaanslagen aan belanghebbende uitgereikt.
Het geschil betrof de vraag of de aansprakelijkstelling conform artikel 49, eerste lid, van de Invorderingswet (IW) had plaatsgevonden, namelijk niet vóór het tijdstip waarop de belastingschuldige in gebreke is met de betaling. De ontvanger kon niet aannemelijk maken dat de naheffingsaanslagen eerder waren uitgereikt dan de beschikkingen aansprakelijkstelling. De rechtbank oordeelde dat de bewijslast bij de ontvanger lag en dat diens stelling dat de deurwaarder een logische volgorde had aangehouden onvoldoende was.
Daarom werd geconcludeerd dat niet was voldaan aan de vereisten van artikel 49 IW Pro, waardoor de aansprakelijkstelling niet rechtsgeldig was. De rechtbank vernietigde de beschikkingen en de uitspraken op bezwaar, en veroordeelde de ontvanger in de proceskosten van belanghebbende. Het beroep werd gegrond verklaard.
Uitkomst: De rechtbank vernietigt de beschikkingen aansprakelijkstelling omdat niet is aangetoond dat de naheffingsaanslagen eerder zijn uitgereikt dan de beschikkingen.