ECLI:NL:RBBRE:2007:AZ9069
Rechtbank Breda
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Geen compensatie voor Belgische opcentiemen voor in België wonende Nederlandse ambtenaar
Belanghebbende, een Nederlandse ambtenaar woonachtig in België, betaalde in 2003 naast Nederlandse inkomstenbelasting ook Belgische gemeentelijke opcentiemen. Hij vorderde compensatie op grond van artikel 27 van Pro het belastingverdrag tussen Nederland en België (2001), dat een tegemoetkoming biedt aan in Nederland wonende grensarbeiders die door verdragswijzigingen een inkomensachteruitgang lijden.
De rechtbank oordeelde dat deze compensatieregeling niet geldt voor in België wonende personen zoals belanghebbende, ook al lijdt hij door de opcentiemen een netto inkomensachteruitgang. De regeling is specifiek bedoeld voor in Nederland wonende grensarbeiders en vormt een tijdelijke overgangsmaatregel. Het EG-Verdrag en het gelijkheidsbeginsel verplichten Nederland niet tot een ruimere compensatie.
De rechtbank concludeert dat het verschil in belastingheffing voortvloeit uit de nationale wetgeving van België en Nederland en dat dit geen strijd oplevert met het EG-Verdrag. Het beroep van belanghebbende wordt ongegrond verklaard.
Uitkomst: Het beroep van de in België wonende Nederlandse ambtenaar wordt ongegrond verklaard; geen compensatie voor Belgische opcentiemen.