ECLI:NL:RBBRE:2007:BA7168
Rechtbank Breda
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Belastingrechtelijke behandeling stakingswinst bij latere overdracht varkenshouderij
Belanghebbende exploiteerde een varkenshouderij in maatschapverband met het oog op toekomstige overname, waarbij de maatschap eindigde op 31 december 2002 en de overname daadwerkelijk plaatsvond op 12 december 2003. De inspecteur stelde dat de stakingswinst in 2002 belastbaar was, terwijl belanghebbende betoogde dat deze in 2003 moest worden verantwoord.
De rechtbank verwijst naar een arrest van de Hoge Raad uit 1952 en concludeert dat belanghebbende de keuze had om de stakingswinst in het jaar van daadwerkelijke overdracht (2003) te nemen. De aanslag over 2002 wordt daarom verminderd tot nihil en het verlies uit werk en woning vastgesteld op € 6.647.
Daarnaast is de aftrek van lijfrentepremies in 2002 deels geweigerd door de inspecteur vanwege niet-naleving van termijnvereisten, maar dit geschil werd niet meer behandeld omdat de stakingswinst in 2003 moet worden verantwoord. De rechtbank veroordeelt de inspecteur tot vergoeding van proceskosten en griffierecht.
Het beroep wordt gegrond verklaard, de uitspraak op bezwaar vernietigd en de aanslag aangepast in het voordeel van belanghebbende.
Uitkomst: De rechtbank vernietigt de aanslag over 2002 en stelt vast dat de stakingswinst in 2003 belastbaar is.