ECLI:NL:RBBRE:2007:BB0438
Rechtbank Breda
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Vernietiging uitspraak bezwaar wegens niet horen belanghebbende in belastingzaak
Belanghebbende maakte bezwaar tegen een aanslag inkomstenbelasting en premie volksverzekeringen over 2003. Zij stelde dat zij niet in de gelegenheid was gesteld haar bezwaar mondeling toe te lichten, ondanks een uitdrukkelijk verzoek daartoe. De inspecteur had belanghebbende telefonisch gehoord, maar hiervan was geen verslag opgemaakt.
De rechtbank oordeelde dat telefonisch horen niet zonder meer is toegestaan en alleen met de nodige zorgvuldigheid en in overleg met belanghebbende kan plaatsvinden. Omdat geen verslag was opgemaakt en belanghebbende zich beklaagde over het niet gehoord zijn, was de zorgvuldigheid niet in acht genomen. Dit vormverzuim was niet onschadelijk, omdat belanghebbende nog een wijziging in de toerekening van inkomensbestanddelen wenste, wat gevolgen kan hebben voor de aanslag.
De rechtbank vernietigde daarom de uitspraak op bezwaar en wees de zaak terug naar de inspecteur om belanghebbende alsnog te horen en een nieuwe uitspraak te doen. Tevens werd het door belanghebbende betaalde griffierecht van € 38 vergoed. De rechtbank zag geen aanleiding om ambtshalve zelf in de zaak te voorzien en wees een proceskostenveroordeling af.
Uitkomst: De uitspraak op bezwaar wordt vernietigd en de zaak wordt terugverwezen naar de inspecteur om belanghebbende alsnog te horen.