ECLI:NL:RBBRE:2007:BB9147
Rechtbank Breda
- Eerste aanleg - meervoudig
- J.J.J. Engel
- D. Hund
- A.J. Kromhout
- Rechtspraak.nl
Belastingheffing op vergoeding voor samenwerking en reputatie in onderneming
Belanghebbende ontving in 2002 een vergoeding van ruim €2 miljoen van zijn zakenpartner, afgeleid van de waarde van diens ondernemingen. De rechtbank stelt vast dat belanghebbende nooit feitelijk aandeelhouder is geweest en dat de vergoeding niet kan worden aangemerkt als winst uit aanmerkelijk belang.
De samenwerking was vooral gebaseerd op de reputatie van belanghebbende, die als woonwagenbewoner en door zijn fysieke uitstraling het betaalgedrag van schuldeisers positief kon beïnvloeden. Er is geen aannemelijk gemaakt andere reden voor de vergoeding zonder tegenprestatie.
Belanghebbende stelde dat de vergoeding in box 2 belast moest worden, of subsidiair onbelast zou moeten blijven, maar de rechtbank verwierp deze stellingen. De vergoeding moet worden belast als resultaat uit overige werkzaamheden in box 1. Ook de proceskosten en schadevergoeding worden afgewezen.
De rechtbank verklaart het beroep ongegrond en bevestigt de aanslag van de inspecteur.
Uitkomst: De rechtbank verklaart het beroep ongegrond en bevestigt de belastingheffing van de vergoeding als inkomen uit werk en woning in box 1.