ECLI:NL:RBBRE:2008:BF0040
Rechtbank Breda
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Vrijval herinvesteringsreserve bij staking melkveetak kwalificeert als stakingswinst
Belanghebbende exploiteerde een landbouwonderneming met een melkveetak, varkenstak en akkerbouwtak. In 1998 en 1999 werd het volledige melkquotum verkocht en voor de boekwinst in 1999 werd een herinvesteringsreserve gevormd. In 2003 werd de melkveetak gestaakt en de vraag was of de vrijval van de reserve winst uit staking betrof.
De rechtbank acht aannemelijk dat het laten varen van het herinvesteringsvoornemen direct samenhangt met het besluit tot staking van de melkveetak. Hoewel in 2003 beperkte investeringen werden gedaan, was dit onvoldoende om het herinvesteringsvoornemen in stand te houden. De rechtbank verwierp het standpunt van de inspecteur dat de vrijval slechts het gevolg was van het overschrijden van de wettelijke termijn.
De rechtbank verklaarde het beroep van belanghebbende gegrond, vernietigde de uitspraak op bezwaar en stelde het belastbaar inkomen uit werk en woning vast op € 93.244. Tevens werden de proceskosten ten laste van de inspecteur gebracht.
Uitkomst: De vrijval van de herinvesteringsreserve wordt aangemerkt als stakingswinst en het belastbaar inkomen wordt verminderd tot € 93.244.