ECLI:NL:RBBRE:2008:BM6367
Rechtbank Breda
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Ongegrond verklaring van beroep tegen aanslag successierecht na overlijden zonder testament
De rechtbank Breda behandelde het beroep van belanghebbende tegen de aanslag successierecht opgelegd naar aanleiding van een verkrijging uit de nalatenschap van een overleden erflater zonder testament. De nalatenschap werd verdeeld onder drie broers, ieder voor een derde.
Belangrijke geschilpunten waren of de uitspraak op bezwaar gehandhaafd kon blijven ondanks het niet tijdig reageren van de inspecteur en een onjuiste samenvatting van het bezwaar, en of het vertrouwensbeginsel van toepassing was omdat in de bijlage bij het aangiftebiljet een onjuiste tariefgroep was vermeld.
De rechtbank oordeelde dat de inspecteur binnen de wettelijke termijn van één jaar uitspraak heeft gedaan, waardoor de overschrijding van de toegezegde termijn van zes weken niet tot vernietiging leidt. Tevens werd geoordeeld dat de onjuiste samenvatting geen nadeel voor belanghebbende opleverde. Het beroep op het vertrouwensbeginsel werd verworpen omdat de bijlage slechts inlichtingen bevatte en geen toezeggingen, en belanghebbende niet aannemelijk had gemaakt dat hij schade had geleden door de onjuiste informatie.
De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond en zag geen aanleiding tot proceskostenveroordeling. Tegen deze uitspraak staat hoger beroep open bij het gerechtshof te ’s-Hertogenbosch.
Uitkomst: Het beroep tegen de aanslag successierecht wordt ongegrond verklaard.