ECLI:NL:RBBRE:2009:BH9972
Rechtbank Breda
- Eerste aanleg - meervoudig
- M.G.J.M. van Kempen
- W. Brouwer
- N. van Duijn
- Rechtspraak.nl
Beoordeling onzakelijke lening en afwaardering vordering tussen verbonden vennootschappen
Belanghebbende, een BV, verstrekte een lening in rekening courant aan haar moedervennootschap Beheer B.V. Deze lening werd niet schriftelijk vastgelegd, er waren geen zekerheden en er werd geen aflossingsschema gehanteerd. De inspecteur stelde dat deze lening onzakelijk was omdat een onafhankelijke derde dit debiteurenrisico niet zou hebben aanvaard.
De rechtbank constateerde dat Beheer zelf niet over voldoende liquide middelen beschikte om de lening af te lossen en dat de gelden deels werden doorgeleend aan de aandeelhouder voor de aankoop van een woning zonder zekerheden. Ook de financiering van nieuwe activiteiten in een andere BV door Beheer bracht risico's met zich mee zonder direct zakelijk voordeel voor belanghebbende.
Belanghebbende slaagde er niet in bijzondere omstandigheden aan te tonen die het onzakelijke karakter van de lening konden compenseren. Evenmin was er sprake van een in rechte te beschermen vertrouwen dat de afwaardering geaccepteerd zou worden. De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond en bevestigde de weigering van de inspecteur om de afwaardering van de vordering te accepteren.
Uitkomst: De rechtbank verklaart het beroep ongegrond en bevestigt dat de afwaardering van de lening niet wordt geaccepteerd.