ECLI:NL:RBBRE:2010:BP2004
Rechtbank Breda
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beoordeling dienstbetrekking bij uitbesteding schoonmaakactiviteiten aan vennoten vof
Belanghebbende, eigenaar van een schoonmaakbedrijf, heeft schoonmaakactiviteiten uitbesteed aan meerdere vennootschappen onder firma (vof’s), waarvan de vennoten Roemeense of Bulgaarse nationaliteit hebben en als zelfstandig ondernemers in Nederland werkzaam zijn. De inspecteur van de Belastingdienst heeft na een bedrijfsbezoek een beschikking afgegeven waarin wordt aangenomen dat sprake is van een dienstbetrekking tussen belanghebbende en de vennoten, wat gevolgen heeft voor de verzekeringsplicht onder de werknemersverzekeringen.
De rechtbank beoordeelt ambtshalve of de beschikking een voor bezwaar vatbare beschikking is en concludeert dat dit het geval is op grond van artikel 59, derde lid, van de Wet financiering sociale verzekeringen (Wfsv) in samenhang met de parlementaire geschiedenis. Vervolgens wordt inhoudelijk geoordeeld dat aan de criteria voor een privaatrechtelijke dienstbetrekking is voldaan, waaronder de aanwezigheid van een gezagsverhouding, de verplichting tot persoonlijk verrichten van arbeid en loonbetaling.
Belanghebbende heeft de werkzaamheden en arbeidsomstandigheden van de vennoten nauwkeurig geregeld en controleert de uitvoering. De vennoten mogen zich niet zomaar laten vervangen en ontvangen een vast bedrag per maand. De rechtbank stelt vast dat de vennoten als werknemers moeten worden beschouwd en derhalve verzekerd zijn voor de werknemersverzekeringen. Het beroep wordt ongegrond verklaard en er wordt geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het beroep van belanghebbende tegen de beschikking beoordeling verzekeringsplicht werknemersverzekeringen wordt ongegrond verklaard.