ECLI:NL:RBBRE:2011:BQ6306
Rechtbank Breda
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beoordeling geheimhouding stukken in belastingzaak op grond van artikel 8:29 Awb
De inspecteur heeft in een belastingzaak verzoek gedaan om beperkte kennisneming van diverse stukken die betrekking hebben op navorderingsaanslagen en boetebeschikkingen. Belanghebbenden vorderden volledige inzage in alle stukken, waaronder informatie uit België, nota's, bijlagen, chikwadraattoetsgegevens en berekeningen van redelijke schattingen.
De rechtbank heeft de stukken beoordeeld op grond van artikel 8:42 Awb Pro, dat volledige openbaarmaking voorschrijft, tenzij zwaarwichtige redenen geheimhouding rechtvaardigen volgens artikel 8:29 Awb Pro. De inspecteur beriep zich op bescherming van persoonsgegevens, controlestrategische belangen en internationale betrekkingen.
Na zorgvuldige belangenafweging oordeelde de rechtbank dat de door de inspecteur aangevoerde redenen zwaarder wegen dan het belang van belanghebbenden bij volledige openbaarheid. Diverse gedeelten van de stukken, zoals namen, adressen, telefoonnummers en e-mailadressen van derden en ambtenaren, mochten daarom geheim blijven. Ook stukken met controlestrategische informatie werden afgeschermd.
De rechtbank verwees de zaak naar de geheimhoudingskamer voor nader onderzoek en concludeerde dat het beroep van de inspecteur op artikel 8:29 Awb Pro slaagt. Tegen deze beslissing kan niet eerder hoger beroep worden ingesteld dan tegelijk met het hoger beroep tegen de einduitspraak.
Uitkomst: De rechtbank oordeelt dat de inspecteur terecht stukken deels geheimhoudt op grond van artikel 8:29 Awb.