ECLI:NL:RBBRE:2011:BQ9501
Rechtbank Breda
- Voorlopige voorziening
- Poerink
- Rechtspraak.nl
Toewijzing lijfsdwang ter handhaving concurrentie- en relatiebeding na niet-nakoming
Greenpol, een uitzendbureau, vordert lijfsdwang tegen haar voormalig werknemer die na ontslag werkzaamheden verricht voor een concurrerend uitzendbureau, Daxxa. Het hof te ’s-Hertogenbosch had eerder bepaald dat gedaagde het concurrentie- en relatiebeding moest naleven, waaronder het verbod om voor Daxxa te werken en het verstrekken van een klantenlijst.
Gedaagde heeft deze veroordelingen niet nageleefd: hij werkt door voor Daxxa en verstrekt geen lijst van klanten. Greenpol lijdt daardoor schade en heeft reeds executoriaal beslag gelegd in België, waartegen gedaagde verzet heeft aangetekend. De voorzieningenrechter oordeelt dat lijfsdwang als ultimum remedium passend is, omdat andere dwangmiddelen onvoldoende effect sorteren.
De rechter stelt een maximale duur van lijfsdwang vast: maximaal één maand per overtreding van het concurrentiebeding tot een maximum van één jaar, en vierentwintig uur lijfsdwang per drie dagen niet-naleving van het relatiebeding tot een maximum van één maand. Een gebod om zich onvoorwaardelijk te onthouden van klantbenadering wordt afgewezen wegens gebrek aan belang, evenals een afzonderlijke veroordeling in executiekosten. Gedaagde wordt veroordeeld in de proceskosten.
Uitkomst: Greenpol krijgt verlof om lijfsdwang toe te passen tegen gedaagde wegens niet-nakoming van concurrentie- en relatiebeding, met maximale termijnen vastgesteld.