ECLI:NL:RBBRE:2011:BU8678
Rechtbank Breda
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Geen schenking maar verrekening van overgespaard arbeidsinkomen bij verkoop aandelen binnen huwelijk
Belanghebbende en haar echtgenoot zijn gehuwd onder uitsluiting van gemeenschap van goederen met een Amsterdams verrekenbeding, waarbij overgespaard arbeidsinkomen onderling moet worden verrekend. De echtgenoot kocht aandelen in de BV waar hij werkt, gefinancierd met een lening die tijdens het huwelijk is afgelost. Bij verkoop van de aandelen werd winst gemaakt waarvan de helft aan belanghebbende werd gegeven.
De inspecteur legde schenkingsrecht op over deze betaling, stellende dat het een schenking betrof. De rechtbank oordeelt echter dat deze betaling uitvoering is van het verrekenbeding zoals bepaald in artikel 1:141 BW Pro, waarbij het aanwezige vermogen wordt vermoed te zijn gevormd uit hetgeen verrekend had moeten worden, tenzij onredelijkheid en onbillijkheid dit verhinderen.
De rechtbank ziet geen aanwijzingen voor onredelijkheid of onbillijkheid en stelt dat de verrekening binnen de grenzen der redelijkheid blijft. Er is geen sprake van vrijgevigheid, verarming of verrijking, maar van een wettelijke verplichting tot verrekening. Het beroep wordt gegrond verklaard, de aanslag en uitspraak op bezwaar vernietigd en de inspecteur veroordeeld in de proceskosten.
Uitkomst: De rechtbank verklaart het beroep gegrond en vernietigt de aanslag schenkingsrecht omdat de betaling uitvoering is van het verrekenbeding en geen schenking betreft.