ECLI:NL:RBBRE:2012:BW3770
Rechtbank Breda
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Geen dienstbetrekking prostituees bij exploitant seksinrichting
Belanghebbende exploiteerde twee seksinrichtingen waar prostituees hun diensten aanboden. De inspecteur stelde dat de prostituees in dienstbetrekking waren bij belanghebbende en legde een naheffingsaanslag loonheffingen op. Belanghebbende voerde aan dat er geen arbeidsovereenkomst bestond, omdat de prostituees zelfstandig hun diensten verleenden en alleen huurovereenkomsten hadden voor bedrijfsunits.
De rechtbank onderzocht de feiten, waaronder de inrichting van de panden, de wijze van betaling door klanten, en de rol van belanghebbende in de bedrijfsvoering. Belanghebbende verzorgde de inrichting, veiligheid en hygiëne, stelde huisregels op en hield toezicht conform gemeentelijke vergunningseisen, maar gaf geen bindende aanwijzingen aan de prostituees over hun werkzaamheden.
De rechtbank concludeerde dat niet voldaan was aan de vereisten voor een dienstbetrekking: de prostituees verrichtten persoonlijk arbeid, maar waren vrij in werktijden en tariefbepaling, en werden rechtstreeks door klanten betaald. De rol van belanghebbende was beperkt tot verhuur van bedrijfsunits en naleving van vergunningseisen. Daarom werd het beroep van belanghebbende gegrond verklaard, en de naheffingsaanslag en heffingsrente vernietigd.
Uitkomst: De rechtbank oordeelt dat geen dienstbetrekking bestaat tussen belanghebbende en de prostituees en vernietigt de naheffingsaanslag loonheffingen.