ECLI:NL:RBBRE:2012:BW8946
Rechtbank Breda
- Eerste aanleg - meervoudig
- I.M. Josten
- J.G.M. Wouters
- J.B. van den Beld
- Rechtspraak.nl
Onbevoegd plichtsverzuim hulpofficier van justitie leidt tot disciplinaire straf
De hoofdinspecteur was sinds 30 september 2007 niet meer in het bezit van een geldig certificaat hulpofficier van justitie, maar verrichtte desondanks gedurende bijna drie jaar 164 onbevoegde ambtshandelingen. Dit werd aangemerkt als ernstig plichtsverzuim. De korpsbeheerder legde een disciplinaire straf op van plaatsing in een lagere salarisschaal voor de duur van twee jaar.
Eiser voerde aan dat het plichtsverzuim onopzettelijk was door werkdruk en psychische omstandigheden en dat de straf buitenproportioneel was, mede gelet op eerdere werkstraffen en de medeverantwoordelijkheid van de korpsleiding. Ook stelde hij dat het interne onderzoek onvoldoende zorgvuldig was en dat er sprake was van vooringenomenheid.
De rechtbank oordeelde dat het interne onderzoek zorgvuldig was uitgevoerd en dat er geen aanwijzingen waren voor vooringenomenheid. Het bewijs was overtuigend dat eiser zich bewust was van het verlopen certificaat en toch onbevoegde handelingen verrichtte. De opgelegde straf was in overeenstemming met het beleid en niet onevenredig gezien de ernst, duur en functie van eiser.
De rechtbank wees het beroep af en zag geen aanleiding tot proceskostenveroordeling. Het beroep op artikel 6 EVRM Pro faalde omdat het hier niet ging om een strafvervolging in de zin van dat artikel. De uitspraak werd gedaan door mr. I.M. Josten, voorzitter, en mr. J.G.M. Wouters en mr. J.B. van den Beld, leden, op 20 juni 2012.
Uitkomst: Het beroep tegen de disciplinaire straf van terugplaatsing in een lagere salarisschaal voor twee jaar wordt ongegrond verklaard.