ECLI:NL:RBBRE:2012:BY0959
Rechtbank Breda
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Rechtbank Breda bepaalt aanmerkelijk belangwinst bij ontvlechting van BV’s en privé-belangen voormalige zakenpartners
Belanghebbende en voormalig zakenpartner [de heer L.] waren betrokken in een samenwerkingsverband met diverse BV's en privé-beleggingen. Na langdurige disputen sloten zij een vaststellingsovereenkomst om hun belangen te ontvlechten, waarbij aandelen en vastgoed werden overgedragen en schulden werden afgehandeld.
De inspecteur stelde de aanslag inkomstenbelasting over 2003 vast met een aanzienlijk hoger belastbaar inkomen uit aanmerkelijk belang dan belanghebbende had aangegeven. Belanghebbende betwistte de waardering van de aandelen en de omvang van de rekening-courantschuld.
De rechtbank oordeelde dat de waarde van de aandelen moet worden bepaald op de intrinsieke waarde per 29 juli 2003, de datum van de vaststellingsovereenkomst, en niet op eerdere data. Tevens werd vastgesteld dat de rekening-courantschuld € 5.210.000 bedroeg, conform de overeenkomst, en niet hoger zoals de inspecteur stelde.
De rechtbank verklaarde het beroep gegrond, verminderde de aanslag tot een belastbaar inkomen uit aanmerkelijk belang van € 1.404.337 en vernietigde de boetebeschikking omdat geen opzet of grove schuld was vastgesteld. Tevens werden proceskosten aan belanghebbende toegewezen.
Uitkomst: De rechtbank vermindert de aanslag inkomstenbelasting tot een belastbaar inkomen uit aanmerkelijk belang van € 1.404.337 en vernietigt de boetebeschikking.