ECLI:NL:RBBRE:2012:BZ2558
Rechtbank Breda
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Beperking heffingsrecht Nederland bij dienstbetrekking op hulpschepen buiten internationaal verkeer
Belanghebbende, een Nederlandse nationaliteit dragende inwoner van Brazilië, was in 2008 in dienst bij een Nederlandse werkgever en werkte op hulpschepen die offshorediensten verrichtten in de territoriale wateren en exclusieve economische zones van Kameroen, Gabon en Denemarken. Hij volgde in Nederland verplichte en niet-verplichte cursussen in het kader van zijn dienstbetrekking.
De inspecteur legde een aanslag op over het volledige brutoloon, stellende dat op grond van artikel 7.2, zevende lid, Wet IB en artikel 15, derde lid, Verdrag met Brazilië Nederland heffingsrecht heeft over de gehele beloning. Belanghebbende betwistte dat de in Nederland gevolgde cursusdagen als arbeid in Nederland moeten worden aangemerkt.
De rechtbank oordeelde dat alleen de verplichte cursus 'HUET' als in Nederland verrichte arbeid geldt. De hulpschepen waarop belanghebbende voer, zijn niet betrokken bij internationaal vervoer van goederen of personen, zodat artikel 15, derde lid, Verdrag met Brazilië niet van toepassing is. Hierdoor mag Nederland slechts heffen over het loon dat aan de in Nederland verrichte arbeid is toe te rekenen, wat resulteert in een vermindering van de aanslag tot een bedrag gebaseerd op één werkdag.
De rechtbank verklaarde het beroep gegrond, vernietigde de uitspraak op bezwaar, en veroordeelde de inspecteur in de proceskosten van belanghebbende.
Uitkomst: De aanslag wordt verminderd tot loon belastbaar naar één werkdag, omdat Nederland slechts heffingsrecht heeft over in Nederland verrichte arbeid.