Eiseres, een bio-ethanolproducent te Rotterdam, kreeg een last onder dwangsom opgelegd wegens geuroverlast. Verweerder stelde dat eiseres de last op vijf data niet had nageleefd en vorderde € 50.000,--. Eiseres betwistte dit en voerde aan dat de geuronderzoeken niet voldeden aan de eisen van deskundigheid en protocol.
De rechtbank oordeelde dat alleen waarnemingen van toezichthouders met een geldig Olfakto-certificaat als deskundig konden worden beschouwd. Niet alle toezichthouders beschikten over een geldige certificering, waardoor niet alle constateringen konden worden gebruikt. De dwangsommen voor 17 en 24 februari 2012 werden vernietigd, de overige gehandhaafd.
Verder stelde de rechtbank vast dat het door verweerder gehanteerde protocol voor geuronderzoek toereikend was en dat de waarnemingen voldoende waren onderbouwd, ook al ontbraken handtekeningen door digitale beveiliging. De rechtbank wees ook de stellingen van eiseres af dat andere bedrijven de geurhinder veroorzaakten of dat de windrichtingen onjuist waren vastgesteld.
De rechtbank veroordeelde verweerder tot vergoeding van het griffierecht en proceskosten aan eiseres en liet het bestreden besluit voor het overige in stand.