Uitspraak
Rechtbank DEN HAAG
1.Het onderzoek ter terechtzitting
2.De tenlastelegging
3.Bewijsoverwegingen
4.De strafbaarheid van de feiten en van de verdachte
5.De strafoplegging
6.De toepasselijke wetsartikelen
7.De beslissing
80 UREN;
40 DAGEN;
Rechtbank Den Haag
De rechtbank Den Haag heeft op 5 september 2013 uitspraak gedaan in een zaak tegen een minderjarige verdachte die zich tijdens zijn gesloten plaatsing in de jeugdzorginstelling Schakenbosch schuldig maakte aan mishandeling en bedreiging van medewerkers. De feiten betroffen het bijten en slaan van een medewerkster, en het bedreigen van twee anderen met een mes en met woorden.
De rechtbank achtte wettig en overtuigend bewezen dat de verdachte deze feiten heeft gepleegd. De verdediging voerde zelfverdediging aan bij het eerste feit, maar dit werd door de rechtbank verworpen omdat de verdachte de confrontatie zocht en het geweld voortzette nadat de medewerkster hem had losgelaten.
De gedragsdeskundigen stelden dat de verdachte leed aan meerdere gedragsstoornissen en verminderd toerekeningsvatbaar was. De rechtbank concludeerde dat een PIJ-maatregel, ook voorwaardelijk, niet in het belang is van een gunstige ontwikkeling van de verdachte. Er zijn nog ambulante behandelingsmogelijkheden en bij falen daarvan verdient het civiele kader de voorkeur. Daarom werd volstaan met een taakstraf van 80 uur, waarbij de tijd in voorarrest in mindering werd gebracht.
Uitkomst: Verdachte veroordeeld tot 80 uur taakstraf; geen PIJ-maatregel opgelegd wegens onvoldoende belang voor ontwikkeling.