ECLI:NL:RBDHA:2013:12963
Rechtbank Den Haag
- Proceskostenveroordeling
- Rechtspraak.nl
Niet tijdige beslissing Wob-verzoek en proceskostenveroordeling
Eiser heeft op 13 juli 2012 een Wob-verzoek ingediend bij verweerder. Verweerder heeft niet tijdig op dit verzoek beslist en het besluit van 23 augustus 2012 niet aan de gemachtigde van eiser verzonden, waardoor het besluit niet op de voorgeschreven wijze bekend is gemaakt.
De rechtbank stelt vast dat verweerder uit een brief van 11 augustus 2012 had kunnen afleiden dat eiser een gemachtigde had aangesteld. Omdat het besluit niet naar deze gemachtigde is verzonden, is het besluit niet op de juiste wijze bekendgemaakt en trad het niet op de datum van verzending in werking.
De rechtbank oordeelt verder dat de ingebrekestelling van 28 september 2012 wel geldig was, waardoor de dwangsom vanaf 12 oktober 2012 tot 15 november 2012 wordt vastgesteld op €860. Het beroep wordt gegrond verklaard, het bestreden besluit vernietigd en het primaire besluit herroepen. Verweerder wordt veroordeeld tot betaling van de dwangsom, proceskosten en vergoeding van het griffierecht.
Uitkomst: Het beroep wordt gegrond verklaard, het besluit herroepen en verweerder veroordeeld tot betaling van een dwangsom van €860 en proceskosten.