Eisers hebben een aanvraag ingediend voor een machtiging tot voorlopig verblijf (mvv) in het kader van nareis gezinshereniging, welke door verweerder is afgewezen. Na eerdere afwijzingen en een ongegrond verklaard beroep, is opnieuw beroep ingesteld tegen een vergelijkbaar besluit. Eisers stelden dat nieuwe beleidswijzigingen en omstandigheden, zoals DNA-onderzoek en rapporten, een herbeoordeling rechtvaardigen.
De rechtbank overweegt dat slechts nieuw gebleken feiten, veranderde omstandigheden of relevante wetswijzigingen die in de bestuurlijke fase zijn aangevoerd, mogen worden betrokken bij de rechterlijke toetsing. De aangevoerde beleidswijzigingen en omstandigheden na het bestreden besluit kwalificeren niet als novum. De rechtbank volgt eerdere jurisprudentie dat het vereiste van feitelijke gezinsband niet is gewijzigd door het nieuwe beleid.
Gezien het ontbreken van nieuwe feiten of relevante wijzigingen, is geen plaats voor hernieuwde rechterlijke toetsing. Het beroep wordt daarom ongegrond verklaard. Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling. De uitspraak is gedaan door de rechtbank Den Haag op 5 december 2013.