ECLI:NL:RBDHA:2013:CA2620
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing asielaanvraag wegens onvoldoende geloofwaardigheid en tijdige hoormogelijkheid ondanks PTSS-diagnose
Eiseres, afkomstig uit Ingoesjetië, diende een asielaanvraag in die werd afgewezen door verweerder. Zij stelde dat zij vanwege een posttraumatische stressstoornis (PTSS) niet in staat was om tijdens de hoorzittingen consistente verklaringen af te leggen. MediFirst had echter vastgesteld dat zij wel kon worden gehoord. De rechtbank oordeelde dat het deskundigenrapport van Poolman, dat stelde dat eiseres niet coherent kon verklaren, niet terugwerkende kracht had tot het moment van de hoorzittingen.
De rechtbank stelde vast dat eiseres haar aanvullende medische rapporten pas na de hoorzittingen had ingediend en dat verweerder geen signalen had ontvangen die aanleiding gaven tot een vervolgonderzoek. Daarnaast was eiseres niet tijdig met aanvullende correcties gekomen, maar verweerder had deze toch deels meegenomen. De rechtbank vond dat de besluitvorming zorgvuldig was verlopen.
Verder was eiseres niet in staat gebleken om haar identiteit, nationaliteit en reisroute aannemelijk te maken door het ontbreken van documenten en inconsistenties in haar verklaringen, met name over haar echtscheiding en de omstandigheden in haar land van herkomst. De rechtbank vond dat het asielrelaas onvoldoende positieve overtuigingskracht had en dat eiseres geen reëel risico liep bij terugkeer. Het beroep werd daarom ongegrond verklaard.
Uitkomst: Het beroep tegen de afwijzing van de asielaanvraag wordt ongegrond verklaard.