ECLI:NL:RBDHA:2014:12207
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beoordeling bezwaar tegen beperking marktvergunning hoofd- en subbranches
Eiser heeft een marktvergunning aangevraagd voor meerdere hoofd- en subbranches, waaronder Ongeregelde Goederen en diverse subbranches uit verschillende hoofdbranches. Verweerder heeft echter gewezen op de regelgeving die het maximaal toelaat om één hoofdbranche en twee subbranches aan te geven. Ondanks meerdere aanvragen en verzoeken om verruiming, heeft verweerder de vergunning beperkt tot de hoofdbranche Mens en Mode met alle bijbehorende subbranches.
De rechtbank overweegt dat verweerder redelijk heeft gehandeld binnen de kaders van de Marktverordening en het Branchebesluit Den Haag 2012. De aanvraagformulieren van eiser voldeden niet aan de gestelde eisen, en het verzoek tot afwijking van de brancheringsregels was niet tijdig en niet volledig onderbouwd. De hardheidsclausule is toegepast conform de Gedragslijn Branchering.
Eiser heeft aangevoerd dat de beperkingen hem ernstige financiële problemen bezorgen en dat de criteria onredelijk zijn, maar de rechtbank past een terughoudende toets toe en oordeelt dat verweerder voldoende gemotiveerd heeft waarom de brancheringsregels zijn vastgesteld. Het doel van de regelgeving om de markt aantrekkelijk en divers te houden wordt niet onredelijk geacht.
Het beroep wordt ongegrond verklaard en er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling.
Uitkomst: Het beroep van eiser tegen de beperking van zijn marktvergunning wordt ongegrond verklaard.