ECLI:NL:RBDHA:2014:12223
Rechtbank Den Haag
- Kort geding
- Rechtspraak.nl
Verbod op excessief indienen van Wob-verzoeken wegens misbruik bevoegdheid
De zaak betreft een geschil tussen de Gemeente Leiden en gedaagde over het vermeende misbruik van de Wet openbaarheid van bestuur (Wob). Gedurende twee maanden diende gedaagde 39 Wob-verzoeken in over uiteenlopende onderwerpen, waarbij de verzoeken waren vermengd met algemene informatie. De Gemeente stelde dat dit was bedoeld om de afhandeling te frustreren en dwangsommen te incasseren.
De voorzieningenrechter oordeelde dat gedaagde misbruik maakte van zijn bevoegdheid ex artikel 3 Wob Pro. Ondanks het fundamentele karakter van deze bevoegdheid en het vereiste van terughoudendheid, was er sprake van een disproportionele belasting van de Gemeente en ontwrichting van de procedure. Gedaagde kon geen overtuigende reden geven voor zijn verzoeken en stelde de Gemeente in gebreke bij vermeende reactievertragingen.
De rechtbank verbiedt gedaagde daarom om meer dan twee Wob-verzoeken per kalendermaand in te dienen bij de Gemeente, met een dwangsom van €1.000 per overtreding, maximaal €50.000. De vordering dat in de aanhef van verzoeken expliciet 'Wob-verzoek' moet staan, werd afgewezen. Gedaagde werd veroordeeld in de proceskosten. Het vonnis is uitvoerbaar bij voorraad.
Uitkomst: Gedaagde is verboden meer dan twee Wob-verzoeken per maand in te dienen bij de Gemeente, met een dwangsom bij overtreding.