ECLI:NL:RBDHA:2014:12585
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - meervoudig
- M.A. Dirks
- S.E. Postema
- J.W. van den Berge
- Rechtspraak.nl
Beoordeling informatiebeschikking inzake buitenlandse bankrekening in belastingzaak 2009
Verweerder heeft op grond van artikel 52a van de Algemene wet inzake rijksbelastingen een informatiebeschikking gegeven aan eisers met betrekking tot een buitenlandse bankrekening bij [Z]. Eisers hadden in hun aangifte inkomstenbelasting 2009 geen vermogensbestanddelen van deze rekening opgegeven. Na een bezwaarprocedure handhaafde verweerder de beschikking, waarna eisers beroep instelden.
De rechtbank oordeelt dat verweerder zich redelijkerwijs op het standpunt kon stellen dat de gevraagde informatie relevant was voor de belastingheffing over 2009, mede gelet op renseignementen uit 1994 en 1996 en eerdere jurisprudentie die bevestigt dat de echtgenoot als houder van de rekening is geïdentificeerd. Het ontbreken van actuele saldi doet niet af aan de bevoegdheid van verweerder om informatie te vragen, een redelijk vermoeden volstaat.
Omdat eisers geen informatie hebben verstrekt, hebben zij niet aan hun informatieverplichting voldaan. De rechtbank verklaart het beroep ongegrond en stelt eisers een termijn van zes weken om alsnog de gevraagde gegevens te verstrekken. Proceskosten worden niet toegewezen.
Uitkomst: Het beroep tegen de informatiebeschikking wordt ongegrond verklaard en eisers krijgen zes weken om alsnog de gevraagde informatie te verstrekken.