Uitspraak
1.Het onderzoek ter terechtzitting
2.De tenlastelegging
3.Bewijsoverwegingen
4.De vordering van de benadeelde partij
5. De beslissing
Rechtbank Den Haag
De rechtbank Den Haag behandelde een zaak waarin verdachte werd beschuldigd van het plegen van ontuchtige handelingen met een minderjarige tussen twaalf en zestien jaar. De tenlastelegging betrof meerdere seksuele handelingen, waaronder betasting en binnendringen, gepleegd in de periode oktober 2011 tot november 2012.
Tijdens de zitting werd vastgesteld dat de seksuele handelingen plaatsvonden tussen jongeren met een gering leeftijdsverschil en zonder dwang. De rechtbank nam mee dat het slachtoffer vrijwillig deelnam en dat dergelijke seksuele experimenten onder jongeren in deze leeftijdsgroep vaker voorkomen. Er was geen sprake van een affectieve relatie, maar ook niet van onvrijwilligheid of dwang.
De rechtbank oordeelde dat de handelingen niet het ontuchtige karakter hadden dat strafbaar zou zijn volgens artikel 245 Sr Pro. Gelet op de omstandigheden en de sociaal-ethische normen sprak de rechtbank verdachte vrij. De vordering tot schadevergoeding werd afgewezen omdat de verdachte werd vrijgesproken.
Uitkomst: Verdachte wordt vrijgesproken wegens ontbreken van het ontuchtige karakter van de seksuele handelingen met het minderjarige slachtoffer.