ECLI:NL:RBDHA:2014:5518
Rechtbank Den Haag
- Proceskostenveroordeling
- R.C.H.M. Lips
- J.P.F. Slijpen
- S.E. Postema
- Rechtspraak.nl
Rechtbank oordeelt over toepassing liquidatieverlies bij aandelenfusie vóór 2001
Eiseres, aandeelhouder van X BV, diende een liquidatieverlies in over 2007 na ontbinding van X BV. Verweerder liet dit verlies buiten beschouwing op grond van artikel 13i van de Wet Vpb, dat toepassing vindt bij aandelenfusies. De rechtbank overweegt dat artikel 13i niet met terugwerkende kracht geldt en geen overgangsrecht bevat, waardoor het niet van toepassing is op de aandelenfusie van 2000.
De rechtbank beoordeelt de zaak aan de hand van artikel 13d van de Wet Vpb zoals dat gold vóór 2001 en constateert dat dit artikel slechts van toepassing is indien artikel 14b, vijfde lid, van de Wet IB 1964 wordt toegepast, wat hier niet het geval was. Hierdoor kan het liquidatieverlies van eiseres worden erkend.
Verder wijst de rechtbank het verzoek van eiseres tot integrale proceskostenvergoeding af wegens het ontbreken van bijzondere omstandigheden. Wel veroordeelt zij verweerder tot vergoeding van proceskosten volgens het Besluit proceskosten bestuursrecht. De aanslag wordt verminderd tot nihil en het verlies vastgesteld op € 7.677.305.
Uitkomst: De aanslag vennootschapsbelasting wordt verminderd tot nihil en het liquidatieverlies van € 7.677.305 wordt vastgesteld.