ECLI:NL:RBDHA:2014:5876
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- A.W. Ente
- Rechtspraak.nl
Afwijzing beroep tegen inreisverbod en weigering verblijfsvergunning regulier voor gezinsleven
Eiser, van Sierraleoonse nationaliteit, verzocht om een verblijfsvergunning regulier voor verblijf bij zijn partner en drie kinderen, waaronder één biologisch kind. Zijn aanvraag werd afgewezen en een inreisverbod van vijf jaar opgelegd. Eiser voerde aan dat het inreisverbod en de weigering in strijd zijn met zijn recht op gezinsleven op grond van artikel 8 EVRM Pro, mede vanwege zijn langdurig verblijf, integratie en de belangen van zijn gezin.
De rechtbank overwoog dat er sprake is van gezinsleven en inmenging door het inreisverbod. De belangenafweging vereist een fair balance tussen het belang van eiser en zijn gezin en het Nederlandse toelatingsbeleid. De rechtbank nam mee dat eiser een antecedent had, maar dit slechts een klein onderdeel was van de afweging. Ook werd meegewogen dat eiser het gezinsleven deels tijdens illegaal verblijf vormde, hetgeen in zijn nadeel woog.
Verder achtte de rechtbank onvoldoende onderbouwd dat er sprake is van objectieve belemmeringen voor het gezin om zich in Sierra Leone te vestigen. De vrees voor seksueel geweld was niet concreet gemaakt. De rechtbank concludeerde dat de inmenging gerechtvaardigd is en dat het inreisverbod en de weigering van de verblijfsvergunning terecht zijn opgelegd.
Het beroep werd ongegrond verklaard en er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd. De uitspraak werd gedaan door rechter A.W. Ente op 15 mei 2014.
Uitkomst: Het beroep tegen het inreisverbod en de weigering van de verblijfsvergunning wordt ongegrond verklaard.