Uitspraak
RECHTBANK DEN HAAG
1.[gedaagde sub 1],
[gedaagde sub 2],
1.De procedure
2.De feiten
3.Het geschil
4.De beoordeling
toekenning vergoeding aan [gedaagde sub 1] en [gedaagde sub 2]
uitgifte van aandelen tegen te lage prijs
Rechtbank Den Haag
De zaak betreft een geschil tussen aandeelhouder [eiser] en mede-aandeelhouders en bestuurders van Med-IP BV over zijn positie en rechten binnen de vennootschap.
[eiser] vordert onder meer uittreding op grond van artikel 2:343 BW Pro, vernietiging van besluiten tot uitgifte van aandelen en vaststelling van de uitgifteprijs, en een verbod op stemrecht van zijn mede-aandeelhouders totdat zijn aandelen zijn overgenomen. Hij stelt dat hij door afgestemd stemgedrag en besluitvorming buitengesloten is en zijn belangen worden geschaad.
De rechtbank oordeelt dat [eiser] op afstand is komen te staan door zijn eigen keuze en niet door handelen van de andere aandeelhouders. De toekenning van vergoedingen aan mede-aandeelhouders is gerechtvaardigd gezien hun inzet en bijdrage. De waardering en uitgifteprijs van aandelen, hoewel niet gedegen onderbouwd, is redelijk en niet bedoeld om [eiser] te benadelen. Het ontbreken van een aandeelhoudersovereenkomst en de onzekerheid over toekomstige uitkeringen vormen geen grond voor uittreding.
De vorderingen worden afgewezen en [eiser] wordt veroordeeld in de proceskosten.
Uitkomst: De rechtbank wijst de vorderingen tot uittreding en vernietiging van besluiten af en veroordeelt eiser in de proceskosten.