ECLI:NL:RBDHA:2015:10035
Rechtbank Den Haag
- Voorlopige voorziening+bodemzaak
- A.W. Ente
- Rechtspraak.nl
Afwijzing beroep tegen overdracht asielzoekster naar Italië op grond van Dublin III-verordening
Eiseres, een alleenstaande vrouw met de Eritrese nationaliteit, diende op 5 mei 2015 een asielaanvraag in Nederland in. De staatssecretaris wees deze aanvraag af op grond van artikel 30, eerste lid, van de Vreemdelingenwet 2000, omdat volgens de Dublin III-verordening Italië verantwoordelijk is voor de behandeling van haar asielverzoek.
Eiseres voerde aan dat het interstatelijk vertrouwensbeginsel niet langer geldt vanwege slechte opvangomstandigheden in Italië, met name voor kwetsbare personen zoals zijzelf, en verwees naar het Tarakhel-arrest van het Europees Hof voor de Rechten van de Mens (EHRM). Zij stelde dat haar overdracht naar Italië in strijd zou zijn met artikel 3 EVRM Pro vanwege het risico op onmenselijke behandeling.
De voorzieningenrechter oordeelde dat eiseres onvoldoende aannemelijk heeft gemaakt dat Italië zijn verdragsverplichtingen niet zal nakomen. Het Tarakhel-arrest en recente uitspraken van de Afdeling bestuursrechtspraak bevestigen dat het interstatelijk vertrouwensbeginsel ten aanzien van Italië nog steeds geldt. Bovendien is de situatie van een alleenstaande vrouw niet vergelijkbaar met gezinnen met jonge kinderen waarvoor in Tarakhel een uitzondering werd gemaakt.
Het beroep werd daarom ongegrond verklaard en het verzoek om een voorlopige voorziening werd afgewezen. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd. De uitspraak werd gedaan door voorzieningenrechter A.W. Ente op 27 augustus 2015.
Uitkomst: Het beroep tegen de overdracht van eiseres naar Italië wordt ongegrond verklaard en het verzoek om een voorlopige voorziening wordt afgewezen.