Uitspraak
Rechtbank DEN HAAG
1.Het onderzoek ter terechtzitting
2.De tenlastelegging
3.Bewijsoverwegingen
Naar het oordeel van de rechtbank heeft verdachte met bovenstaande gedragingen in de hiervoor beschreven omstandigheden willens en wetens de aanmerkelijke kans genomen dat [slachtoffer 1] zou komen te overlijden. Het is enkel vanwege buiten de wil van verdachte gelegen omstandigheden geweest dat [slachtoffer 1] niet is overleden. Gezien het voorgaande acht de rechtbank het onder 1 primair tenlastegelegde wettig en overtuigend bewezen.
- Het proces-verbaal relaas, p. 3 tot en met 8 (pv I);
- het proces-verbaal verhoor getuige [getuige], p. 28 en 29 (pv II);
- een geschrift, te weten de uitdraai blaastest, p. 51 (pv II);
- een geschrift, te weten de uitdraai RDW gegevens van de politie, p. 52 (pv II);
- het proces-verbaal verhoor aangever [slachtoffer 3], p. 27 en 28 (pv I);
- het proces-verbaal ontvangst klacht door hulpofficier van justitie, p. 26 (pv I);
- het proces-verbaal Verkeers Ongevallen Analyse eenheid Den Haag, p. 5;
- de verklaring van verdachte ter terechtzitting van 26 januari 2015.
4.De strafbaarheid van het bewezenverklaarde
5.De strafbaarheid van de verdachte
6.De strafoplegging
7.De vordering van de benadeelde partij
8.De toepasselijke wetsartikelen
9.De beslissing
1.primair
poging tot doodslag;
feiten 1 primair, 2, 3 en 4tot:
6 (zes) maanden, niet zal worden tenuitvoergelegd onder de algemene voorwaarde dat de veroordeelde:
feit 5verklaarde geen straf of maatregel wordt opgelegd;
feit 1voorts tot: