Uitspraak
Rechtbank DEN HAAG
uitspraak van de meervoudige kamer van 25 november 2015 in de zaken tussen
[eiser] , te [plaats] , eiser
Procesverloop
Overwegingen
€ 9.137
€ 4.242
Geschil11. In geschil is of de verhoging van het belastbaar inkomen in 2010 en 2011 in box 3 op grond van artikel 2.14a van de Wet in strijd is met het Eerste Protocol bij het Verdrag ter bescherming van de Rechten van de Mens en de fundamentele vrijheden (EP). Indien dat niet het geval is, is in geschil of verweerder terecht op grond van het zesde lid van artikel 2.14a van de Wet, het volledige vermogen van de Stiftung aan eiser heeft toegerekend.
Beslissing
- verklaart de beroepen gegrond;
- vernietigt de uitspraken op bezwaar;
- vermindert de aanslag IB/PVV 2010 tot een berekend naar een belastbaar inkomen uit werk en woning van € 58.677, een belastbaar inkomen uit aanmerkelijk belang van € 50.000 en een belastbaar inkomen uit sparen en beleggen van € 41.107 en vermindert de heffingsrente dienovereenkomstig;
- vermindert de aanslag IB/PVV 2011 tot een berekend naar een belastbaar inkomen uit werk en woning van € 83.521 en een belastbaar inkomen uit sparen en beleggen van € 36.331 en vermindert de heffingsrente dienovereenkomstig;
- bepaalt dat deze uitspraak in de plaats treedt van de vernietigde uitspraken op bezwaar;
- veroordeelt verweerder in de proceskosten van eiser tot een bedrag van € 1.468;
- draagt verweerder op het betaalde griffierecht van € 45 aan eiser te vergoeden.