Uitspraak
RECHTBANK DEN HAAG
1.Het verloop van de procedure
- de dagvaarding van 4 november 2014, met producties;
- de conclusie van antwoord, met producties;
- de conclusie van repliek, met producties;
- de conclusie van dupliek, met producties;
Rechtbank Den Haag
Dexia Nederland B.V. vordert een verklaring voor recht dat zij niets meer verschuldigd is aan [gedaagde] uit hoofde van effectenleaseovereenkomsten. [gedaagde] heeft zich tijdig afgemeld van de collectieve Duisenberg-regeling en stelt zijn aanspraken nog niet definitief vast te willen stellen. Dexia wenst duidelijkheid om haar boeken te kunnen sluiten.
De rechtbank overweegt dat Dexia voldoende belang heeft bij haar vordering en geen misbruik maakt van haar bevoegdheid. Echter is de jurisprudentie omtrent effectenleasezaken niet volledig uitgekristalliseerd. Recente arresten van de Hoge Raad hebben nieuwe aspecten aan het licht gebracht, waaronder de berekening van wettelijke rente en vereisten voor echtgenotentoestemming bij verlengingsovereenkomsten.
Gezien deze onduidelijkheden en het feit dat [gedaagde] zijn aanspraken nog niet wenst te laten beoordelen, kan niet met zekerheid worden vastgesteld dat Dexia niets meer verschuldigd is. Daarom wordt de vordering afgewezen en wordt Dexia veroordeeld in de proceskosten.
Uitkomst: De vordering van Dexia wordt afgewezen omdat niet vaststaat dat zij niets meer verschuldigd is aan de afnemer.