ECLI:NL:RBDHA:2015:2159
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Terugvordering voorschotten arbeidsongeschiktheidsuitkering ondanks langdurige betaling
Eiseres ontving sinds 1 januari 2008 voorschotten op een arbeidsongeschiktheidsuitkering. Na uitspraken van de Centrale Raad van Beroep in augustus 2013 stond vast dat zij geen recht had op een WAO- of Waz-uitkering. Verweerder beëindigde daarop de voorschotverlening en vorderde de reeds betaalde voorschotten terug.
Eiseres voerde aan dat zij niet wist dat terugvordering mogelijk was en beriep zich op het vertrouwensbeginsel vanwege de lange duur van de voorschotbetalingen. De rechtbank overwoog dat de voorschotten duidelijk als zodanig waren toegekend en dat eiseres wist dat het om voorschotten ging. De rechtspraak vereist ondubbelzinnige toezeggingen voor een geslaagd beroep op het vertrouwensbeginsel, die hier ontbraken.
De rechtbank oordeelde dat verweerder terecht overging tot terugvordering en invordering van de voorschotten. Dringende redenen om af te zien van terugvordering waren niet aanwezig. De financiële situatie van eiseres werd bij de invordering in acht genomen, waardoor zij momenteel niets hoeft terug te betalen. Het beroep werd ongegrond verklaard en het verzoek om schadevergoeding afgewezen.
Uitkomst: Het beroep tegen de terugvordering van voorschotten wordt ongegrond verklaard en het verzoek om schadevergoeding afgewezen.