Vrijdag webinar: live demo van Lexboost

ECLI:NL:RBDHA:2015:3204

Rechtbank Den Haag

Datum uitspraak
19 maart 2015
Publicatiedatum
23 maart 2015
Zaaknummer
09-777202-13
Instantie
Rechtbank Den Haag
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Strafrecht
Uitkomst
Toewijzend
Procedures
  • Eerste aanleg - meervoudig
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 77m SrArt. 77n SrArt. 77cc SrArt. 77dd Sr
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Tenuitvoerlegging voorwaardelijke werkstraf wegens niet naleven bijzondere voorwaarden jeugdige veroordeelde

Op 17 oktober 2013 werd de jeugdige veroordeelde veroordeeld tot een werkstraf van 80 uur, waarvan 60 uur voorwaardelijk, met een proeftijd van twee jaar en een bijzondere voorwaarde dat hij zich zou gedragen naar de voorschriften van Bureau Jeugdzorg. De veroordeelde hield zich niet aan deze bijzondere voorwaarde en was sinds oktober 2014 voortvluchtig, waardoor hij zich onttrok aan het toezicht van de jeugdreclassering.

De officier van justitie verzocht op 20 januari 2015 de rechtbank om de tenuitvoerlegging van het voorwaardelijke deel van de werkstraf gelast te krijgen. Tijdens de zitting op 19 maart 2015, waar de veroordeelde niet verscheen, bevestigde de raadsman het oordeel van de rechtbank en persisteerde de officier van justitie in haar vordering.

De rechtbank stelde vast dat de veroordeelde niet te traceren was en dat eerdere pogingen van Bureau Jeugdzorg en het Veiligheidshuis om hem te bereiken niet succesvol waren. Gezien deze omstandigheden achtte de rechtbank de voorwaarden voor tenuitvoerlegging van het voorwaardelijke deel van de straf aanwezig en gelastte zij de uitvoering van 60 uur werkstraf met een vervangende jeugddetentie van 30 dagen indien de taakstraf niet naar behoren wordt verricht.

Uitkomst: De rechtbank gelast de tenuitvoerlegging van 60 uur werkstraf en vervangende jeugddetentie van 30 dagen bij niet-naleving.

Uitspraak

Rechtbank DEN HAAG
Meervoudige kamer jeugdstrafzaken
Parketnummer 09/777202-13 (tul)
Datum uitspraak: 19 maart 2015

Beslissing na voorwaardelijke veroordeling

De veroordeelde; de opgelegde straf

Bij onherroepelijk geworden vonnis van de rechtbank Den Haag rechtdoende in jeugdstrafzaken d.d. 17 oktober 2013 is

[veroordeelde] ,

geboren op [geboortedag] 1999 te [geboorteplaats] ,
BRP-adres: [adres] ,
veroordeeld tot een werkstraf voor de duur van 80 uren subsidiair 40 dagen jeugddetentie waarvan 60 uren, subsidiair 30 dagen jeugddetentie voorwaardelijk, met een proeftijd van twee jaar, met als bijzondere voorwaarde:
dat de veroordeelde zich gedurende de proeftijd zal gedragen naar de voorschriften hem te geven door of namens de Stichting Bureau Jeugdzorg, zolang die instelling zulks nodig acht.

De vordering

De schriftelijke vordering van de officier van justitie d.d. 20 januari 2015 strekt ertoe dat de rechtbank de tenuitvoerlegging zal gelasten van het voorwaardelijk opgelegde gedeelte van voormelde werkstraf.

De behandeling ter terechtzitting

Het onderzoek is gehouden ter terechtzitting met gesloten deuren van 19 maart 2015.
De veroordeelde is, hoewel behoorlijk opgeroepen, niet ter terechtzitting verschenen.
De raadsman van de veroordeelde, mr. J. Looman, heeft zich ter terechtzitting gerefereerd aan het oordeel van de rechtbank.
De officier van justitie, mr. C. Rijnaarts, heeft gepersisteerd bij de schriftelijke vordering tot tenuitvoerlegging.

De beoordeling van de vordering

Blijkens het als bijlage bij het faxbericht d.d. 18 december 2014 van de Stichting Bureau Jeugdzorg, team dubbele maatregelen Den Haag Zuid/Rijswijk, gevoegde rapport negatieve terugmelding d.d. 21 november 2014, heeft de veroordeelde zich niet gehouden aan de bij voormeld vonnis opgelegde bijzondere voorwaarde.
Blijkens de rapportage is de veroordeelde sinds oktober 2014 voortvluchtig en heeft hij zich aldus onttrokken aan het toezicht van de jeugdreclassering. Ook voor die tijd vond de veroordeelde de begeleiding door de jeugdreclassering niet nodig en was hij niet gemotiveerd zich op enigerlei wijze te laten begeleiden.
Tijdens de behandeling ter terechtzitting heeft de heer [reclasseerder] , rapporteur Jeugdreclassering, desgevraagd meegedeeld dat er grote zorgen zijn over de veroordeelde, maar dat hij tot op heden niet te traceren is. Ook de diverse besprekingen in het Veiligheidshuis van het gezin waartoe de veroordeelde behoort, hebben niet geleid tot het aantreffen van de veroordeelde.
De rechtbank acht, gelet op het vorenstaande, termen aanwezig de tenuitvoerlegging te gelasten van het voorwaardelijk gedeelte van de opgelegde werkstraf.

Toepasselijke wetsartikelen

Artikel 77m, 77n, 77cc, 77dd van het Wetboek van Strafrecht.

Beslissing

De rechtbank:
gelast dat de niet ten uitvoer gelegde straf alsnog zal worden ten uitvoer gelegd, te weten:
een taakstraf in de vorm van een werkstraf voor de duur van 60 uren;
beveelt, voor het geval dat de veroordeelde de taakstraf niet naar behoren verricht, dat vervangende jeugddetentie zal worden toegepast voor de duur van 30 dagen.
*(aftrek alleen i.g.v. geheel voorwaardelijk opgelegde straf, nb dit is verborgen tekst)Deze beslissing is gegeven door
mr. A.J.J.M. Weijnen, voorzitter, kinderrechter,
mr. H.M. Boone, kinderrechter,
mr. J.A.H.M. Janssen, kinderrechter,
in tegenwoordigheid van mr. M.M. de Witte, griffier,
en uitgesproken ter openbare terechtzitting van deze rechtbank van 19 maart 2015.
Mr. Janssen is buiten staat deze beslissing te ondertekenen.