ECLI:NL:RBDHA:2015:3204
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Tenuitvoerlegging voorwaardelijke werkstraf wegens niet naleven bijzondere voorwaarden jeugdige veroordeelde
Op 17 oktober 2013 werd de jeugdige veroordeelde veroordeeld tot een werkstraf van 80 uur, waarvan 60 uur voorwaardelijk, met een proeftijd van twee jaar en een bijzondere voorwaarde dat hij zich zou gedragen naar de voorschriften van Bureau Jeugdzorg. De veroordeelde hield zich niet aan deze bijzondere voorwaarde en was sinds oktober 2014 voortvluchtig, waardoor hij zich onttrok aan het toezicht van de jeugdreclassering.
De officier van justitie verzocht op 20 januari 2015 de rechtbank om de tenuitvoerlegging van het voorwaardelijke deel van de werkstraf gelast te krijgen. Tijdens de zitting op 19 maart 2015, waar de veroordeelde niet verscheen, bevestigde de raadsman het oordeel van de rechtbank en persisteerde de officier van justitie in haar vordering.
De rechtbank stelde vast dat de veroordeelde niet te traceren was en dat eerdere pogingen van Bureau Jeugdzorg en het Veiligheidshuis om hem te bereiken niet succesvol waren. Gezien deze omstandigheden achtte de rechtbank de voorwaarden voor tenuitvoerlegging van het voorwaardelijke deel van de straf aanwezig en gelastte zij de uitvoering van 60 uur werkstraf met een vervangende jeugddetentie van 30 dagen indien de taakstraf niet naar behoren wordt verricht.
Uitkomst: De rechtbank gelast de tenuitvoerlegging van 60 uur werkstraf en vervangende jeugddetentie van 30 dagen bij niet-naleving.